Evangelisch fundamentalisme en katholiek integralisme: een verrassende oecumene

Op 13 juli 2017 verscheen op de site La Civiltà Cattolica, onder het kopje nieuws, een sterk artikel over de invloed van het evangelisch fundamentalisme en het katholiek integralisme op de politiek (lees : de politiek in de VS) en waarom het Vaticaan (lees: paus Franciscus) een politiek heeft om de religie uit de politiek te houden. Sterk, omdat het duidelijk maakt dat Franciscus probeert een breuk met het verleden te creëren. Of je religieus bent of niet, het politiek handelen van de Rooms Katholieke kerk is van belang, al was het alleen al omdat er 1,2 miljard katholieken zijn.

De invloed van het (conservatief) christendom door de eeuwen heen op de politiek en het wereldse bestuur is onderwerp van mijn boekje Niet Naar Santiago en Weer Terug. In mijn blogs hier op de site heb ik daar ook een vervolg aan gegeven (zie bv: Burke, Bannon, Trump en Franciscus). De laatste tijd ben ik milder geworden, vooral naar aanleiding van de pogingen van Genesis - afbeelding bij het oorspronkelijke artikelFranciscus om de conservatieve factor in de Roomse Kerk te neutraliseren. In hoeverre hij daar in gaat slagen is nog steeds een vraag. Over het hoe en waarom van zijn politiek geeft dit artikel echter veel duidelijkheid.

De vertaling is van mijn hand en is niet geautoriseerd door La Civiltà Cattolica, dat wil zeggen,  dat naar aanleiding van mijn verzoek duidelijk werd, dat men alleen de door hen gehanteerde officiële talen (Engels, Frans, Spaans en Koreaans) kan autoriseren. Met die beperking en met referentie naar het originele artikel, denk ik dat mijn vertaling toch goed genoeg is en het artikel vooral belangrijk genoeg, om hier in vertaling te publiceren.

[hyperlinks en voetnoten, om niet gangbare termen te verduidelijken, zijn van mij]
[edit 29/7/2017 : enige correcties in interpunctie en verwoording aangebracht]
[edit 31/7/2017 : Lees ook mijn toelichting waarom ik dit een belangrijk stuk vind]
[edit 6/8/2017 : Lees ook wat context en discussie rond dit essay]

Evangelisch fundamentalisme en katholiek integralisme: een verrassende oecumene.

Door:
Antonio Spadaro (Directeur van “La Civiltà Cattolica“)
Marcelo Figueroa, Presbyteriaans pastor, hoofdredacteur van de Argentijnse editie van L’Osservatore Romano.

In God We Trust (Wij vertrouwen op God). Deze zin staat gedrukt op het bankpapier van de Verenigde Staten van Amerika en is het huidige nationale motto. Het verscheen voor het eerst op een munt in 1864, maar het werd pas officieel toen het Congres een motie aannam in 1956. Een motto is belangrijk voor een natie waarvan de oprichting was geworteld in religieuze motiveringen. Voor velen is het een eenvoudige verklaring van geloof. Voor anderen is het de synthese van een problematisch samengaan van religie en staat, geloof en politiek, religieuze waarden en economie.

Religie, politiek manicheïsme[1] en een kult van de Apocalyps.

Religie heeft de laatste tientallen jaren een indringender rol gekregen in verkiezingen en bij het nemen van regeringsbeslissingen, in het bijzonder in sommige VS regeringen. Het biedt een moreel kompas in de identificatie van wat goed of slecht is.

Soms heeft deze vermenging van politiek, moraal en religie een Manicheïsch taalgebruik opgeleverd, dat de werkelijkheid opdeelt in een absoluut Goed en een absoluut Kwaad. President George W. Bush sprak feitelijk over de uitdaging van ‘de As van het Kwaad‘ en stelde dat het de verplichting van de VS was ‘om de wereld van het kwaad te bevrijden‘ in het vervolg op de gebeurtenissen van september 11, 2001. Vandaag richt president Trump de strijd op een brede, algemene samenhangende entiteit van het ‘kwaad‘ of zelfs het ‘ernstige kwaad‘. Soms neemt de toon van zijn supporters in sommige campagnes een betekenis aan die we zouden kunnen definiëren als episch (in de zin van heldhaftig).

Deze uitdrukkingen zijn gebaseerd op christelijk-evangelische fundamentalistische principes, die dateren uit het begin van de twintigste eeuw en die successievelijk zijn geradicaliseerd. Ze zijn vervolgens getransformeerd van een verwerping van al het mondaine – zoals politiek werd beschouwd – naar een sterke en bepalende religieus-morele invloed, die richtinggevend is op de democratische processen en hun gevolgen.

De term ‘evangelische fundamentalist‘ kan vandaag gelijkgesteld worden met ‘evangelisch rechts‘ of ‘theoconservatisme‘ en heeft zijn oorsprong in de jaren 1910-1915. In die periode publiceerde een Zuid-Californische miljonair, Leyman Steward, een twaalfdelig werk: ‘The Fundamentals‘. De schrijver wilde reageren op de dreiging van de modernistische ideeën uit die tijd. Hij vatte de gedachten samen van schrijvers wier ondersteuning in ideeën hij waardeerde. Hij stelde de morele, sociale, collectieve en individuele aspecten van het evangelische als voorbeeld. Onder zijn bewonderaars bevinden zich veel politici en zelfs twee recente presidenten: Ronald Reagan en George W. Bush.

De religieuze sociale groepen die geïnspireerd werden door auteurs als Steward, beschouwen de VS als een natie, die gezegend is door God. En ze aarzelen niet, de economische groei van het land toe te schrijven aan een letterlijke lezing van de Bijbel. Gedurende de laatste jaren is deze gedachtestroom gevoed, door de stigmatisering van vijanden, die vaak worden gedemoniseerd.

Het scala aan bedreigingen, van wat zij begrijpen als de ‘American Way of Life‘, omvat Modernistische stromingen, de zwarte burgerrechtenbeweging, de hippiebeweging, communisme, feministische bewegingen enzovoorts. En nu, in de huidige tijd, zijn er de migranten en de moslims. Om het niveau van conflict te handhaven, is hun Bijbelexegese ontwikkeld naar een gedecontextualiseerde lezing van het oude testament over de verovering en verdediging van het ‘beloofde land‘, meer dan dat de Bijbel een gids is voor een indringend beeld, vol van liefde, van de Jezus van de evangeliën.

Binnen die verhaallijn is alles wat zich begeeft richting een conflict geoorloofd. Het houdt geen rekening met de verbinding tussen kapitaal, winsten en wapenverkopen. Integendeel zelfs, oorlog zelf wordt vaak vereenzelvigd met de heroïsche veroveringen van de ‘God van de Legers‘ van Gideon en David. In deze Manicheïse visie kan oorlogvoering een theologisch excuus vormen en er zijn geestelijken die Bijbelse gronden daarvoor zoeken, de Bijbelse teksten zonder context gebruikend.

Een ander interessant aspect is de relatie met de schepping die deze religieuze groepen, hoofdzakelijk uit blanken van het diepe Amerikaanse zuiden bestaand, onderhouden. Er is een soort van ‘anesthesie‘ in relatie tot ecologische rampen en problemen die ontstaan door klimaatverandering. Ze gebruiken ‘dominionisme‘ en beschouwen ecologen als mensen die tegen het christelijk geloof zijn. Ze plaatsen hun eigen herkomst in de context van een letterlijk begrip van het scheppingsverhaal van het boek Genesis, dat de mensheid in een dominante positie plaatst ten opzichte van de schepping, terwijl de schepping onderwerp blijft van de menselijke wil in een Bijbelse onderworpenheid.

In deze theologische visie worden natuurrampen, dramatische klimaatverandering en de globale ecologische crisis, niet alleen niet ervaren als een alarm, dat hen ertoe zou moeten brengen hun dogma’s te herzien, maar ze worden gezien als het tegenovergestelde: tekenen die hen bevestigen in hun niet-allegorisch begrip van de laatste handelingen in het boek Openbaringen en hun apocalyptische hoop in een ‘nieuwe hemel en een nieuwe aarde‘.

Ze hanteren een profetische formule: bevecht de bedreigingen van de Amerikaanse christelijke waarden en bereidt je voor op het komende gerecht van een Armageddon, een laatste confrontatie tussen Goed en Kwaad, tussen God en Satan. In deze betekenis stort elk proces (van vrede, dialoog enz.) in, tegenover de noodzakelijkheden voor het doel: de laatste slag tegen de vijand. En de gemeenschap van gelovigen wordt een gemeenschap van vechters. Zulk een eendimensionale lezing van de Bijbelse teksten kan het geweten verdoven of actieve ondersteuning bieden aan het meest afschrikwekkende en dramatische wereldbeeld, dat leeft voorbij de grenzen van het eigen ‘beloofde land‘.

Pastor Rousas John Rushdoony (1916-2001) is de vader van het zogenaamde christelijk reconstructionisme‘ (of ook wel ‘dominantie theologie‘) dat een grote invloed had op de theopolitieke [2] visie van christelijk fundamentalisme. Dit is de politieke doctrine, die de politieke organisaties en netwerken voedt, zoals de ‘ Council for National Policy‘ en de gedachten van haar exponenten als Steve Bannon [3], op dit moment hoofdstrateeg in het Witte Huis en een supporter van een apocalyptische geopolitiek. [1]

Het eerste dat we moeten doen is een stem geven aan onze kerken” zeggen sommigen. De werkelijke betekenis van dit soort uitdrukkingen is het verlangen naar invloed in de politieke en parlementaire sfeer en op de gebieden van recht en opleiding zodat de normen en waarden onderworpen kunnen worden aan religieuze moraal.

Rushdoony’s doctrine bevat een theocratische noodzakelijkheid: onderwerp de staat aan de Bijbel met een logica, die niet verschilt van die het islamitisch fundamentalisme inspireert. In de kern is het het verhaal van terreur, dat de wereldvisie van jihadisten en de nieuwe kruisvaarders vormt en dat is ingebed in bronnen, die niet al te ver uit elkaar liggen. We moeten niet vergeten, dat de theopolitiek, die door ISIS wordt verspreid, gebaseerd is op dezelfde kult van een Apocalyps, die zo snel mogelijk gerealiseerd moet worden. Het is dus geen toeval, dat George W. Bush door Osama bin Laden werd gezien als een ‘groot kruisvaarder‘.

Theologie van welvaart en de retoriek van religieuze vrijheid

Tezamen met politiek manicheïsme, is de transitie van oorspronkelijk puriteinse schijnheiligheid, zoals uitgedrukt in Max Weber’s ‘The Protestant Ethic and the Spirit of Capitalism‘, naar de ‘welvaartstheologie’ een ander relevant fenomeen, dat hoofdzakelijk te berde wordt gebracht in de media en door miljoenen bezittende pastors en missionaire organisaties met sterke religieuze, sociale en politieke invloed. Ze prediken een welvaartsevangelie want zij geloven, dat God van zijn volgers fysieke gezondheid, materiële rijkdom en persoonlijk geluk verlangt.

Het is eenvoudig te zien hoe sommige boodschappen van de verkiezingscampagnes en hun semiotiek [4] gevuld zijn van referenties naar evangelisch fundamentalisme. We zien bijvoorbeeld politieke leiders triomfantelijk verschijnen met de Bijbel in hun hand.

Pastor Norman Vincent Peale (1898-1993) is een belangrijk figuur, die presidenten van de VS als Richard Nixon, Ronald Reagan and Donald Trump inspireerde. Hij leidde de dienst bij het eerste huwelijk van de huidige president. Hij was een succesvol prediker. Hij verkocht miljoenen exemplaren van zijn boek De kracht van positief denken, (1952, vert. 1953; 39e druk, 2006) dat vol staat met zinnen als “Als je ergens in gelooft, dan krijg je het“, “Niets houdt je tegen als je blijft herhalen: God is met mij, wie is er tegen me” of “Houdt in gedachten je visie van succes en het succes zal komen” enzovoorts. Vele welvarende TV-evangelisten mengen marketing, strategisch sturen en prediken, waarbij ze zich meer concentreren op persoonlijk succes dan op verlossing en eeuwig leven.

Een derde element, samen met Manicheïsme en het welvaartsevangelie, is een specifieke vorm van verklaring van de verdediging van ‘religieuze vrijheid‘. De erosie van religieuze vrijheid is duidelijk een grote bedreiging binnen een zich verspreidend secularisme. Maar we moeten vermijden, dat de verdediging komt in fundamentalistische termen als ‘religie in totale vrijheid‘, die wordt geïnterpreteerd als een directe virtuele aanval op de seculariteit van de staat.

Fundamentalistische oecumene

Met beroep op de waarden van fundamentalisme, ontwikkelt zich een vreemde en verrassende vorm van oecumene tussen evangelische fundamentalisten en katholieke integralisten [5], samengebracht door dezelfde wens van invloed in het politieke domein.

Sommigen, die zich katholiek noemen, drukken zich uit op manieren, die tot voor kort onbekend waren in hun traditie maar in uitdrukking dichter bij de evangelische stroming ligt. Zij worden gedefinieerd als waardevolle stemmers bij het aantrekken van electorale massa. Er is een goed gedefinieerde wereld van oecumenische convergentie tussen sectoren, die paradoxaal genoeg in competitie zijn als het gaat om geloofszaken. Deze ontmoeting van gedeelde doelen vind plaats rond thema’s als abortus, homohuwelijk, godsdienstonderwijs op school en in andere zaken, die normliter worden gezien als gebonden aan normen en waarden. Zowel evangelische als katholieke integralisten veroordelen traditioneel oecumene en propageren een conflictueuze oecumene, dat hen verbindt in een nostalgische droom van een soort theocratische staat.

Het meest gevaarlijke aspect van deze vreemde oecumene wordt veroorzaakt door haar xenofobe en islamofobe visie, die muren en zuiverende deportaties wenst. Het woord oecumene transformeert in een paradox, in een oecumene van haat. Intolerantie is een hemels teken van zuiverheid, reductionisme is de methode van exegese en extreme letterlijkheid is de sleutel tot hun hermeneutiek.

Het is duidelijk, dat er enorm gat gaapt tussen bovenstaande concepten en de oecumene zoals die wordt gebruikt door Paus Franciscus met verschillende christelijke instituten en andere religieuze stromingen. Zijn oecumene is een die zich beweegt onder de druk van insluiting, vrede, ontmoeting en bruggen slaan. Deze aanwezigheid van tegengestelde oecumenes – en hun tegenstrijdige perceptie van het geloof en visies van een wereld waar religies onverenigbare rollen hebben – is wellicht het minst bekend en het meest dramatische aspect van de verspreiding van het integralistisch fundamentalisme. Hier kunnen we begrijpen waarom de paus zo toegewijd is aan het werken tegen ‘muren’ en tegen elke vorm van ‘godsdienstoorlog’.

De verleiding van de ‘spirituele oorlog’

Het religieuze element zou nooit moeten worden verward met het politieke element. Het verwarren van de spirituele en de wereldlijke macht [6] betekent het ondergeschikt maken van de een aan de ander. Een duidelijk aspect van Paus Franciscus’ geopolitiek ligt in het niet geven van theologische ruimte aan de macht om zichzelf op te dringen of om een interne dan wel externe vijand te vinden om te vechten. Er is noodzaak om de verleiding te ontvluchten, goddelijkheid te projecteren op politieke macht, die het dan gebruikt voor de eigen doelen. Franciscus verwijdert van binnenuit de lezing van sektarisch millenarianisme [7] en dominionisme dat de Apocalyps en de laatste slag voorbereidt. [2] Franciscus onderstreept barmhartigheid (mercy) als een fundamenteel attribuut van God, dat deze ingrijpende christelijke behoefte uitdrukt.

Franciscus wil de organische band tussen cultuur, politiek, instituut en kerk verbreken. Spiritualiteit kan zichzelf niet binden aan regeringen of militaire verbonden want ze staat ten dienste van alle mannen en vrouwen. Religies kunnen sommigen mensen niet beschouwen als gezworen vijanden en anderen als eeuwige vrienden. Religie zou niet de garantie van de heersende klasse moeten worden. Maar het is juist deze dynamiek, met een smaak van valse theologie, dat zijn eigen wetten en logica in de politieke wereld probeert op te dringen.

Er wordt een schokkende retoriek gebruikt, bijvoorbeeld door schrijvers van ‘Church Militant‘, een succesvol VS-gebaseerd digitaal platform, dat zich openlijk uitspreekt voor een ultraconservatieve politiek en christelijke gebruikt symbolen om zichzelf op te dringen. Dit misbruik noemen ze ‘authentiek christendom‘. En om de eigen voorkeuren duidelijk te maken heeft het een nauwe analogie gecreëerd tussen Donald Trump en Keizer Constantijn en tussen Hilary Clinton en Diocletianus. De Amerikaanse verkiezingen werden in dit perspectief gezien als een spirituele oorlog. [3]

Deze oorlogszuchtige en militante benadering lijkt zeer aantrekkelijk en levensecht voor een bepaald publiek, vooral dat de overwinning van Constantijn – het was onmogelijk verondersteld dat hij zou winnen van Maximus en het Romeinse establishment – toegeschreven moest worden aan goddelijke interventie: in hoc signo vinces.

Church Militant‘ vraagt of Trump’s overwinning toegeschreven kan worden aan de gebeden van de Amerikanen. Het gesuggereerde antwoord is bevestigend. De indirecte opdracht voor president Trump is duidelijk: hij moet opvolging geven aan de consequenties en dat is een directe boodschap dat ze het presidentschap willen conditioneren door het te framen als een goddelijke verkiezing. In hoc signo vinces. Inderdaad.

Vandaag, meer dan ooit, moet de macht ontdaan worden van zijn vergane gelovige mantel, van zijn bewapening, zijn roestige borstplaat. Het fundamentalistische theopolitieke plan is het opzetten van een koninkrijk van God, hier en nu. En die God is overduidelijk de projectie van de macht die opgebouwd is. Deze visie genereert de ideologie van verovering.

Het theopolitieke plan dat werkelijk christelijk is, zou eschatologisch moeten zijn, dat betekent dat het gericht is op de toekomst en de contemporaine gebeurtenissen richt op het Koninkrijk Gods, een koninkrijk van recht en vrede. Deze visie genereert een proces van integratie, dat zich ontwikkelt met een diplomatie die niemand als de voorzienigheid kroont.

En dit is waarom de diplomatie van de Heilige Stoel directe en soepele relaties met de supermachten wil bewerkstelligen, zonder vooraf vastgelegde netwerken van allianties en invloeden. In deze omgeving wil de paus niet stellen wie gelijk heeft en wie niet want hij weet, dat aan de basis van elk conflict altijd een gevecht om de macht ligt. Er is dus geen noodzaak een kant te kiezen uit morele redenen en al helemaal niet voor spirituele redenen.

Franciscus verwerpt het idee van het activeren van een Koninkrijk Gods op aarde, zoals het bestond aan de basis van het Heilige Roomse Rijk en gelijke politieke vormen, volledig, inclusief het deelnemen op het niveau van ‘partij’. Op deze manier begrepen, zouden de ‘gekozenen’ een gecompliceerd politiek en religieus web binnentreden, dat hen zou doen vergeten dat ze in dienst zijn van de wereld. Het zou hen in oppositie plaatsen van hen die anders zijn, die niet tot hen behoren ofwel, de vijand.

Aldus kunnen de christelijke wortels van mensen nooit begrepen worden vanuit etniciteit. De begrippen wortels en identiteit hebben niet dezelfde inhoud voor een katholiek als voor een nieuw-heiden (new-pagan). Triomfalisme, arrogantie en haatdragende etniciteit zijn feitelijk tegengesteld aan christendom. De paus zei op 9 mei in een interview met de Franse krant La Croix:Ja, Europa heeft christelijke wortels. Christendom heeft de plicht die te onderhouden, maar in de geest van een dienst als het wassen van de voeten.” En ook: “De bijdrage van het christendom aan een cultuur is die van Christus die de voeten wast, of de dienst en de gift van het leven. Er is geen ruimte voor kolonialisme.”

Tegen Angst

Welk gevoel ligt ten grondslag aan de aanlokkelijke verleiding voor een twijfelachtig verbond tussen politiek en religieus fundamentalisme? Het is de angst voor het uiteenvallen van een geconstrueerde orde en de angst voor chaos. En inderdaad werkt het zo door waargenomen chaos. De politieke strategie voor succes verwordt tot die van de steeds luidere roep om conflictueus, overdreven wanorde, de geesten van de mensen opzwepend door de schildering van angstaanjagende scenario’s die elke realiteit ontstijgen.

Op dit punt wordt religie een garantstelling voor orde en politieke deelname zou de voorwaarden daarvoor realiseren. De aantrekkingskracht van de Apocalyps rechtvaardigt de macht die gewenst wordt in een God of in samenspanning met een God. En daarbij toont fundamentalisme zichzelf niet als product van een religieuze ervaring maar als een armoedig misbruik van een verdraaiing daarvan.

Dat is waarom Franciscus systematisch een antwoord uitdraagt tegen het gepraat over angst. Er is noodzaak tot een strijd tegen de manipulatie van deze stroom van verontrusting en onveiligheid. Nogmaals, Franciscus is hier moedig en geeft geen theologisch-politieke legitimiteit aan terroristen, hij vermijdt elke reductie van Islam tot Islamitisch terrorisme. Evenzo geeft hij die legitimiteit niet aan hen, die een Heilige Oorlog postuleren en wensen of die grensbarrières gekroond met prikkeldraad wensen. De enige kroon die telt voor de christen is de doornenkroon die christus op eenzame hoogte droeg. [4]

Voetnoten (uit oorspronkelijk artikel)

[1] Bannon gelooft in de Apocalyptische visie die door William Strauss and Neil Howe theoretisch werd beschreven in hun boek The Fourth Turning: What Cycles of History Tell Us About America’s Next Rendezvous with Destiny. Zie ook N. Howe, “Where did Steve Bannon get his worldview? From my book”, in The Washington Post, February 24, 2017.

[2] See A. Aresu, “Pope Francis against the Apocalypse”, in Macrogeo (www.macrogeo.global/analysis/pope-francis-against-the-apocalypse), Juni 9, 2017.

[3] See “Donald ‘Constantine’ Trump? Could Heaven be intervening directly in the election?”, in Church Militant (www.churchmilitant.com/video/episode/vortex-donald-constantine-trump).

[4] Ter verdere overdenking  zie D. J. Fares, “L’antropologia politica di Papa Francesco“, in Civ. Catt. 2014 I 345-360; A. Spadaro, “La diplomazia di Francesco. La misericordia come processo politico”, ib 2016 I 209-226; D. J. Fares, “Papa Francesco e la politica”, ib 2016 I 373-385; J. L. Narvaja, “La crisi di ogni politica cristiana. Erich Przywara e l’‘idea di Europa’”, ib 2016 I 437-448; Id., “Il significato della politica internazionale di Francesco”, ib 2017 III 8-15.


Voetnoten (bij de vertaling)

[1] Manicheïsme is een stroming, die alle religies integreerde. Manicheïsch kent geen Nederlands equivalent en ik laat het dus zo. De auteurs bedoelen vermoedelijk een verwarrend taalgebruik dat het christendom oneigenlijk gebruikt voor andere doelen. Manicheïsme wordt beschouwd als ketters.

[2] theopolitiek is een politiek waarin religie allesbepalend is. Het woord is niet in een Nederlands woordenboek te vinden. Theocratie is het politieke systeem waarin theopolitiek wordt bedreven.

[3] Mbt Steve Bannon zie ook mijn blog : Burke, Bannon, Trump en Franciscus.

[4] Semiotiek: Semiotiek of semiologie is de studie van het wezenlijke karakter, het ontstaan (semiose) en het gebruik van tekens en tekensystemen.

[5] Integralisme: Integralisme was een reactionaire stroming onder katholieken in het begin van de 20e eeuw die de vragen van het leven vanuit het geloof wilden oplossen en vasthielden aan de kerkelijke tradities. Deze stroming geldt als tegenhanger van het modernisme.

[6] Ik heb over dit onderwerp al eerder blogs geschreven.  De kerk is hier niet altijd even consequent door de eeuwen heen. Zie bv ook ‘Het zwaard van de kerk‘ en daarin gerefereerde blogs.

[7] Een ‘vernederlandsing’ van het Engelse woord millenarianism waarvoor ook alleen een Engelstalig lemma in de wikipedia bestaat.

Geef een reactie